Luchtvochtigheid
Dauwvorming
Relatieve_luchtvochtigheid
Relatieve_luchtvochtigheid_en_klimaat_in_Nederland
Relatieve_luchtvochtigheid_en_binnenklimaat
Luchtvochtigheid in huis
Luchtvochtigheid industrie

Wikipedia over luchtvochtigheid

Luchtvochtigheid

Luchtvochtigheid is de natuurkundige grootheid die staat voor de hoeveelheid vocht in de lucht.

De hoeveelheid vocht kan uitgedrukt worden in een absolute hoeveelheid. Dat is de hoeveelheid water in een vastgestelde hoeveelheid lucht.

De luchtvochtigheid wordt meestal uitgedrukt in de relatieve luchtvochtigheid. Dit is het percentage van de maximale hoeveelheid waterdamp die de lucht bij de gegeven temperatuur en luchtdruk bevat. Bij dalende temperatuur neemt het vermogen van de lucht waterdamp te bevatten af; bij dezelfde hoeveelheid waterdamp neemt de relatieve vochtigheid dan toe. Wordt deze groter dan 100%, dan treedt condensatie op in de vorm van dauw en mist.

De relatieve luchtvochtigheid is van groot belang in de landbouw en tuinbouw.

Dauwvorming

Als de luchtvochtigheid te hoog is vindt bij een bepaalde temperatuur dauwvorming op het gewas plaats. Het dauwpunt geeft aan op welk moment dauwvorming optreedt en is afhankelijk van de hoeveelheid vocht in de lucht en de temperatuur van het gewas. Een nat gewas kan schimmelaantasting geven. In de kasteelt wordt, om dauwvorming tegen te gaan, de temperatuur al vroeg in de nacht verhoogd.

Bewaring

Veel land- en tuinbouwproducten worden in koelcellen bewaard. In koelcellen is de relatieve luchtvochtigheid zeer belangrijk. Een te lage luchtvochtigheid geeft uitdroging en een te hoge ijsvorming op de verdamper van de koelinstallatie.

Wikipedia over relatieve luchtvochtigheid

Relatieve luchtvochtigheid


De relatieve luchtvochtigheid geeft aan hoeveel procent waterdamp zich ten opzichte van de maximale hoeveelheid waterdamp in de lucht bevindt bij een bepaalde temperatuur en luchtdruk.

Gasmengsels zoals lucht kunnen bij temperaturen onder het kookpunt van water slechts een beperkte hoeveelheid waterdamp bevatten; die hoeveelheid hangt af van de temperatuur en de luchtdruk. Als zo'n gasmengsel meer waterdamp zou bevatten zou condensatie op gaan treden. Bij temperaturen boven het kookpunt van water kan een gasmengsel een ongelimiteerde hoeveelheid waterdamp bevatten zonder dat condensatie optreedt.

De relatieve luchtvochtigheid is een verhouding die aangeeft hoeveel waterdamp de lucht bij de heersende temperatuur bevat ten opzichte van de maximale hoeveelheid die er in een bepaalde hoeveelheid lucht (bij die temperatuur) in kan. Een waarde van 100% wijst op een maximale hoeveelheid waterdamp: de lucht is dan verzadigd. Bij een relatieve luchtvochtigheid van 50% bevat de lucht bij de heersende temperatuur de helft van de maximaal mogelijke hoeveelheid waterdamp.

Buitenshuis kan de relatieve luchtvochtigheid enorm variëren, van minder dan 20% tot 100%. Binnen bedraagt de luchtvochtigheidsgraad meestal 40 - 60%. In een geventileerde ruimte kan de vochtigheid afhankelijk van de weersomstandigheden en eventuele verwarming echter ook binnenshuis enkele tientallen procenten afwijken. In de badkamer is de relatieve luchtvochtigheid meestal het hoogst.

Als de relatieve luchtvochtigheid de 100% bereikt, zal de onzichtbare waterdamp neerslaan in druppels. Er ontstaat dan mist, dauw of rijp. In kamers zal de relatieve vochtigheid bij de ramen, waar het vooral 's winters kouder is, hoger zijn dan in het midden van de kamer. Koudere lucht kan minder waterdamp bevatten dan warmere en zodra het kouder wordt moet er dus waterdamp uit de lucht verdwijnen. Dat gebeurt dan bij een koud raam, waar de lucht sterker afkoelt dan elders in een ruimte. De overtollige waterdamp gaat over in druppeltjes (condens) en het raam beslaat.

De relatieve luchtvochtigheid wordt gemeten met een hygrometer, een elektronisch apparaat met sensor of een eenvoudige haarhygrometer. De lengte van de haar is een maat voor de luchtvochtigheid. Een ontvette mensenhaar wordt langer als de relatieve luchtvochtigheid toeneemt. Die lengteverandering wordt overgebracht naar een wijzer, die de vochtigheid aangeeft.

Relatieve luchtvochtigheid en klimaat in Nederland

Zowel een te vochtige als te droge atmosfeer wordt bij bepaalde temperaturen als onaangenaam ervaren. Uit de weerberichten bekende begrippen als drukkend, kil, guur en waterkoud hebben te maken met een zeer hoge luchtvochtigheid. Bij schraal weer bevat de lucht weinig waterdamp en is de relatieve vochtigheid heel laag.

De laagste waarden van de relatieve vochtigheid worden in Nederland gemeten in mei en juni, gemiddeld zo'n 70 tot 80%.

Jaarverloop relatieve vochtigheid in De Bilt
Vooral in het voorjaar daalt de luchtvochtigheid soms tot extreem lage waarden van minder dan 20%. Dat gebeurt wanneer koude lucht van noordelijke breedten wordt aangevoerd. Op zulke zeer droge dagen is de lucht diepblauw van kleur, loopt de temperatuur overdag snel op om 's avonds weer sterk te dalen. De dagelijkse gang van de temperatuur, het verschil tussen dag en nacht, kan soms meer dan 20 graden bedragen. Onder zulke omstandigheden is er kans op vorst aan de grond of zelfs nog vorst op de normale waarnemingshoogte van anderhalve meter.

Zo'n dag was 1 april 1965. In De Bilt wees de hygrometer volgens registraties van een hygrograaf toen korte tijd 6% aan, zover bekend de laagste vochtigheidsgraad die hier ooit is gemeten. Zo'n extreem lage vochtigheid komt gewoonlijk alleen in woestijngebieden voor. In Venlo is die dag een nog lagere stand van 4% afgelezen. Op verscheidene plaatsen is de vochtigheid tot rond 10% gedaald en een tweede hygrometer op de toren van het KNMI in De Bilt wees ook een stand van slechts 9% aan. De datum van het record doet wellicht vermoeden dat het om een grap zou gaan, maar dat is niet het geval. Toch zijn de waarden twijfelachtig en zijn ze niet in de officiële database van de klimatologische dienst verwerkt. De operationele instrumenten gaven minder lage waarden aan.

In de tropen varieert de relatieve luchtvochtigheid tussen de 60% en 90%.

Relatieve luchtvochtigheid en binnenklimaat

In een kamer die goed afgesloten is, daalt de relatieve luchtvochtigheid als er gestookt wordt, omdat de absolute hoeveelheid vocht in de lucht hetzelfde blijft en de warmere lucht veel meer vocht zou kunnen bevatten. Gaat de verwarming weer uit, dan stijgt de relatieve luchtvochtigheid weer. Ventileren helpt niet tegen een lage luchtvochtigheid, want wanneer de koude lucht van buiten de kamertemperatuur heeft bereikt is hij veel droger geworden, de relatieve luchtvochtigheid daalt immers door verwarmen.

Om dezelfde reden helpt ventilatie niet om veelvoorkomende vochtproblemen in kelders op te lossen. Deze vochtproblemen, die dan 's zomers optreden, zijn het gevolg van condensatie aan koude keldermuren en vloeren. De warme en vochtige buitenlucht condenseert aan koude oppervlakten in de koele kelder. Hier helpt alleen luchtontvochtiging, bij voorkeur in combinatie met een beperking (!) van de ventilatie.

Vochtproblemen in een badkamer zijn vrijwel altijd het gevolg van condensatie. Dit ontstaat door de zeer hoge luchtvochtigheid, en dan vooral in combinatie met een matige isolatie. De lucht in de nabijheid van koude buitenmuren zal daardoor gemakkelijk tot onder het dauwpunt afkoelen waardoor die plaatsen nat worden en schimmelgroei kan ontstaan. Verwarmen helpt in een dergelijke situatie maar gedeeltelijk. De warme lucht neemt weliswaar meer vocht op, maar vervolgens condenseert die grotere hoeveelheid vocht op dezelfde koude oppervlakten. Op de door stook verwarmde oppervlakken (boven radiatoren) zal geen condensatie optreden. Deze vochtproblemen zullen verminderen door isolatie van de koude oppervlakten, en vooral door ventilatie van de zeer vochtige lucht.

Een grove indeling voor de luchtvochtigheid in huis is:
1.onder 50%: laag
2.50 - 60%: matig
3.boven 60%: hoog

De relatieve luchtvochtigheid binnenshuis is van belang voor mensen, dieren, planten, houten meubels, parket en muziekinstrumenten als de piano en de harp en slaginstrumenten met een niet-synthetisch vel (bijvoorbeeld geitenhuid enz.) zoals de djembé.

De relatieve luchtvochtigheid beïnvloedt de verdamping. Hoe droger de lucht, hoe meer vocht mens, dier en plant zullen afstaan. Mens en dier kunnen droge slijmvliezen krijgen, waardoor droge ogen, een droge neus en keelklachten kunnen optreden. Woestijnplanten hebben weinig last van een lage relatieve luchtvochtigheid, ze hebben weinig huidmondjes, die ze ook nog kunnen afsluiten. Tropische planten zullen echter uitdrogen in droge kamers en kunnen beter in de warme kas worden gehouden. Houten meubels kunnen krimpen en scheuren in droge lucht en muziekinstrumenten raken ontstemd (gaan vals klinken).

Een hoge relatieve luchtvochtigheid kan er voor zorgen dat men zijn vocht moeilijk kwijt kan, het vocht blijft in druppels op de huid staan en verdampt nauwelijks. Normaal gesproken zal hier binnenshuis geen sprake van zijn, maar in een warme kas kan het wel optreden.

Tegenwoordig zijn er luchtbevochtigers op de markt, die de relatieve luchtvochtigheid kunnen verhogen. Dat kan overigens ook met een waterkoker worden bereikt, of door de "klassieke" verdampingsbakjes aan radiatoren. In alle gevallen moet de verdampingswarmte worden geleverd.

Er bestaan ook luchtontvochtigers, die de lucht droger kunnen maken op plekken waar dat gewenst is. Luchtontvochtigers werken door koeling van de lucht, waardoor vocht condenseert, waarna de lucht weer wordt opgewarmd. Deze opwarming wordt bereikt met een warmtewisselaar waarbij de warmte uit de warme instromende lucht wordt gebruikt. Luchtontvochtigers kunnen bijvoorbeeld worden toegepast in badkamers en kelders om schimmelgroei tegen te gaan (niet: caravans, want deze trekken slechts even vochtige lucht uit hun omgeving aan).

/luchtvochtigheid-in-huis.html
/luchtvochtigheid-industrie.html

© CSH Climate Solutions Holland BV | info@csh.nl Tel.+31 (0)162 511 553

vocht-raam